Kiekerekie Poeie! 

Dorpskarakter in Foxhol: Amel Pieters Medendorp

Foxhol was een broedplaats van bijzondere mensen, volgens het zondagsblad van de Noord-Ooster uit 1947. Neem bijvoorbeeld het verhaal over ‘Lange Oamel’, die bij iedereen in Hoogezand bekend zou zijn geweest, maar niemand wist zijn achternaam. Amel is een toch wel bijzondere voornaam die hier in slechts enkele families voorkomt. Het artikel bevatte een paar aanknopingspunten: vrijgezel en woonde bij zijn zuster in Foxhol. 

Na enig onderzoek bleek al snel dat deze Amel een loot aan de stam van de familie Hartenhof is en Lange Oamel kriegt ook zien achternoam terugge: hai is aine van Medendorp. 

Pieter Cornelis (Kornelis) Medendorp, geboren 21-09-1794 te Uithuizen, zoon van Kornelis Pieters en Nanje Jans (woonden te Westerbroek in 1820, beiden zonder beroep, volgens ovl acte Pieter waren zij arbeiders). Pieter was in 1820 woonachtig te Westerbroek en was toen zonder beroep. Vervolgens komt hij in de archieven voor als trekschipper te Foxhol in 1820; als tapper te Foxhol in 1823; als landbouwer te Kropswolde, letter C nr. 47, in 1824, 1825, 1827. In 1850 was hij arbeider en woonde hij in huis letter B, nr. 17 te Foxhol; arbeider in Foxhol in 1852, 1857, 1860. In 1863 woondachtig in Foxhol, zonder beroep. Pieter is overleden op 12-08-1869 te Foxhol (gem. Hoogezand) (get. Jan Frinks, arbeider, Harm Klein, arbeider)

Pieter huwt op  14-12-1819, te Slochteren (resp. 25 en 30 jaar oud) met

Fennechien Cornelis Hartenhoff (Fennegijn Cornelis Hartenhof), geboren 08-11-1789 te Kolham, dv Kornelis Amels Hartenhof en Hindrikje Derks, overleden op 01-05-1851 te Foxhol gem. Hoogezand, huis Letter B, nr. 17 (get. Kornelis Woldendorp, winkelier en Jan van Bruggen, scheepjager)

De ouders van de bruidegom stemmen schriftelijk in met het huwelijk. De ouders van de bruid zijn overleden. O.a. haar broer Amel Cornelis Hartenhof en neef Jans Velthuis zijn getuigen. Fennechien had al een dochter, Hinderkien Hartenhof, geboren 7 juli 1815 in Kolham, huis nr.40, aangifte door grootvader; overleden op 08-06-1836 te Foxhol, huis letter B nr.28, (get. Jannes Schutte, timmerman, Geert Rammelaar, smid).

Pieter Kornelis Medendorp woonde in 1850 samen met zijn zoon Amel in huis nr.17 B Kropswolde, dat was in Foxhol. Oorspronkelijk stonden geregistreerd: Pieter, en de beide zoons Amel en Derk en schoondochter Anje Aikes in behuizing B, nr. 73K.  Derk en zijn vrouw vertrokken in 1864 naar Sappemeer.

Kinderen uit dit huwelijk:

k. Cornelis Medendorp, geboren 28-07-1820 te Foxhol gem. Hoogezand, (Johan Joseph Pekeskamp, kleermaker en Lukas Bakema, schoenmaker); trekschipper (1847), commissionair, overleden op 28-03-1889 te Foxhol gem. Hoogezand.

k. Amel Medendorp, geboren 17-03-1823 te Foxhol gem. Hoogezand (get. David Jans Braam, tapper en Gert Hensen, smid), overleden op 15 september 1888 in Foxhol, woonde in huis letter B nr. 25 (get. Hindrik Nieboer, timmerman, nabuur en Klaas Woltman, arbeider, nabuur); 

  • Bevolkingsregister: 1850-1859 Amel Medendorp, met ouders en broer Derk, wonen in Foxhol, huis nr. 17; 
  • Bevolkingsregister: 1860-1869 Amel Medendorp, inschrijving op 1 januari 1860, adres letter B, nr. 73K, met vader Pieter, broer Derk en diens vrouw Anje Aikes. Dit echtpaar vertrok in 1864 naar Sappemeer. Vader Pieter overleed in 1869; 
  • Bevolkingsregister: 1880-1889 Amel Medendorp (arbeider) Inschrijving op 1 januari 1880 (geboren 27 maart 1821, Hoogezand), Foxhol B 23K. 

k. Derk Medendorp geboren 13-05-1824 te Kropswolde gem. Hoogezand,  (get. Remke Jacobs Tepper, landbouwer, en Harmannus Lammerts Schierbeek, wolkammer), overleden op 28-01-1892 te Veendam, aan het Westerdiep, (Salomon Polak, koopman en Derk Bentum, kastelein);

k. Nanneco (Nanko) Medendorp, geboren 21-10-1825 te Kropswolde gem. Hoogezand  (get. Remke Jacobs Tepper, landbouwer, en Remko Jans Smit, korenmolenaar), dienstknecht, overleden op 26-04-1849 te Foxhol gem. Hoogezand, huis letter B, nr. 11 (get. Albert Jans Vossen, kleermaker, Remko Sybolds Siertsema, schoolonderwijzer); Nanko kwam dramatisch aan zijn einde: meer op De dood in de sloot.

k. Jantje Medendorp geboren 08-04-1827 te Kropswolde gem. Hoogezand  (get. Remke Jacobs Tepper, landbouwer, Hendrik Meints Pras, wever), overleden op 17-02-1907 te Foxhol gem. Hoogezand, overleden echtgenoot Hindrik Nieboer (get. Henderikus Veld, arbeider en Jakob Nieborg, arbeider), huis letter B, nr. 26. (Er was een zus van Pieter Kornelis Medendorp, Jantje, gehuwd met Bront Vos. Zij stierf als Jantje Cornelis Medendorp leeftijd 31 jaar, geboren te Uithuizen, overleden op 31-12-1818 te Groningen. In het huwelijk van Pieter en Fennichje zijn geen dochters naar de moeders vernoemd, er was maar één dochter en dat was deze Jantje. Vermoedelijk is ze vernoemd naar haar jonggestorven tante)

  • Bevolkingsregister: 1880-1889 Jantje Medendorp, wed. Nieboer, Inschrijving op 1 januari 1880 (geboren 27 maart 1821, Hoogezand), Foxhol B 22. Op hetzelfde moment woont broer Amel op nummer B23 K. (Ik ga er vanuit dat K staat voor kamer.)
Advertentie. “Nieuwsblad van het Noorden”. Groningen, 23-06-1907, p. 10. Geraadpleegd op Delpher op 07-11-2023, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010890417:mpeg21:p010

Bronnen:

www.delpher.nl Een halve eeuw geleden  “De Noord-Ooster”. Wildervank, 22-03-1947. Geraadpleegd op Delpher op 04-11-2023, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=MMVEEN01:000084440:mpeg21:p003

www.allegroningers.nl

https://historischarchief.midden-groningen.nl/

  • Bron: Bronvermelding Bevolkingsregister, archiefnummer HS01-001, inventarisnummer 1182, blad 33 Gemeente: Hoogezand Periode: 1850-1859;
  • Bronvermelding Bevolkingsregister, archiefnummer HS01-001, inventarisnummer 1183, blad 118 Gemeente: Hoogezand Periode: 1860-1869;
  • Bronvermelding Bevolkingsregister, archiefnummer HS01-001, inventarisnummer 1106, blad 31, aktenummer 1 Gemeente: Hoogezand Periode: 1880-1889)



Graftour: Kolham (1)

Samen met @Geneatine bracht ik onlangs een bezoek aan het kerkhof in Kolham. Voor haar de eerste keer, voor mij een herhaling: mijn voorouders Hartenhof en Broekema liggen er begraven. Zo is er nog de grafsteen van Sietse Broekema en Pieterke Hartenhof en hun jong gestorven dochter Stijntje. De steen begint nu echter wel in verval te raken…

Deze steen is ergens midden op het kerkhof te vinden (goed zoeken!)

Locatie: https://goo.gl/maps/M93Ax9kvPKBft7376

Naar Graftour: Kolham (2) Hartenhof, Bos, Begeman, Meijers




Graftour: Kolham (2)

Hartenhof x Bos; Bos x Begeman; Begeman x Meijers

Behalve de voorouders Broekema – Hartenhof zijn er nog twee andere stèles die mijn aandacht trokken, en wel die van Oltman Begeman en Maria Meijers. Er ligt een lijn van deze mensen naar de familie Hartenhof en die connectie intrigeert me al geruime tijd.

Mijn voorvader Amel Hartenhof was getrouwd met mijn voormoeder Hindrikje Hindriks Bos. Amel’s broer Kornelis Hartenhof was getrouwd met Hindrikjes zuster Wobbegien Hindriks Bos. Beide broers waren landbouwers in Kolham. Amel woonde aan de zuidzijde van de doorgaande weg van Kolham, schuin tegenover de huidige school en Kornelis woonde aan de noordzijde, ten oosten van de school. Ze bezaten grond vanaf Kolham tot Sappemeer. De Joodse begraafplaats aan de Knijpslaan in Kolham is aangelegd op land dat door Kornelis aan de Joodse gemeenschap werd verkocht.

Amel en Hindrikje kregen samen drie kinderen, waaronder Hindrik Hartenhof (de vader van Pieterke Hartenhof, die we in Graftour: Kolham 1 tegenkomen). Het noodlot sloeg toe en Amel stierf jong. Hindrikje, ook nog maar 28 jaar oud, hertrouwde na een klein jaar met ene Oltman Begeman, die dan 26 jaar oud en boerenknecht in Kolham is. Amel’s broer en dus twee keer Hindrikjes zwager, Kornelis Hartenhof is éen van de de getuigen. Oltman en Hindrikje krijgen samen nog maar liefst acht kinderen, en zwager Kornelis is vaak als getuige bij een aangifte van geboorte aanwezig. Er lijkt dus sprake van een goede onderlinge band.

Maar dan, rond 1841, is de situatie drastisch gewijzigd. Zwager Kornelis vinden we op dat moment terug in Veendam, als arbeider en als hij in 1844 aangifte doet van het overlijden van zijn vrouw Wobbegien (45 jaar oud) is hij zelfs geregistreerd als scheepsjager. Wat is daar toch gebeurd? Ik ben er nog steeds niet achter. Kornelis sterft in 1846 in Harkstede, maar blijkt op dat moment nog woonachtig in Veendam te zijn geweest. De vier jongste kinderen van Kornelis en Wobbegien, die nu wees zijn, worden uiteindelijk in het armenwerkhuis in Kolham ondergebracht. Daar resideert de van oorsprong Oost-Friese Maria Meijers als werkhuismoeder. Het armwerkhuis in Kolham is in de periode tussen 1847 en 1849 tot stand gekomen. Lang kan Maria er dus nog niet geweest zijn.

1846 is sowieso geen goed jaar:

en als Hendrikje 44 jaar oud is, komt in november van dat jaar haar leven ten einde. En zo is er van het oorspronkelijke klaverblad Hartenhof x Bos niemand meer in leven. Is Oltman de spreekwoordelijke lachende derde? De gebouwen en landerijen van de Hartenhof’s staan later op zijn naam. En hij laat er geen gras over groeien:

Advertentie. “Groninger courant”. Groningen, 27-11-1846, p. 4. Geraadpleegd op Delpher op 05-09-2023, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010771181:mpeg21:p004
Advertentie. “Groninger courant”. Groningen, 29-01-1847. Geraadpleegd op Delpher op 05-09-2023, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=MMKB23:003486009:mpeg21:p00004

Hij is achtergebleven met acht kinderen, de oudste jongens Hartenhof zijn het huis al uit, uit het eerste huwelijk woont alleen stiefdochter Aaltje nog bij hem. Zijn eigen jongste kind is vijf jaar oud. Oltman vindt uiteindelijk wel een heel passende oplossing: hij trouwt in november 1850 met de armwerkhuismoeder, Maria Meijers. Jammer genoeg lijkt het erop dat de werkhuismoeder niet heel erg betrokken was bij haar functie noch bij de andere Hartenhof-familie: er is geen plaats voor de kinderen van zwager Kornelis en Wobbegien in het nieuwe gezin. Maria en Oltman laten hen achter in het werkhuis…

Oltman en Maria krijgen samen nog één kind: Frederik. Dat jongetje wordt niet oud, het sterft op 9-jarige leeftijd.

Locatie: https://goo.gl/maps/M93Ax9kvPKBft7376

Bronnen:

  • allegroningers.nl
  • familysearch.com
  • wikipedia.com
  • veenkoloniaal museum, scheepsjagerpenningen
  • archief ned. herv. gemeente Kolham, rijksarchief Groningen

De namen kennen verschillende variaties: Cornelis, Kornelius, Hartenhoff, Hindrikkien, Hendrikje, Wubbina, Oldman, Oltman Berends Begeman.




Bevroren oude kaartlegster te Sappemeer

Jantje Sesselaar, geboren Nienhuis, uit Martenshoek

Het was een koude dag, die 20e maart 1888. Het vroor, de temperatuur was -1,3 graden celsius en er viel sneeuw. Van bovenstaand krantenberichtje werd het me vandaag ook een beetje koud om het hart. Een vrouw, bekend als de oude kaartlegster, stierf een kille dood. Ik wilde toch wel graag een beetje meer van haar weten. Het bleek te gaan om Jantje Nienhuis, die was getrouwd met Willem Sesselaar. En dat oud, dat is ook maar relatief: 57 jaar. Middelbaar, zou ik denken. Vier maanden na haar verscheiden hertrouwde haar weduwnaar. Lang duurde zijn nieuwe huwelijk niet: twee jaar later had ook hij het loodje gelegd.

Jantje Nienhuis, geb. 05-08-1830 Woltersum, Ten Boer, ov 20-3-1888, 57 jaar, Sappemeer dv Barteld Garbrands Nienhuis (kleermaker) x Kornelske Hindriks Poort, huwt (31 jr) op 04-08-1862 Willem Sesselaar, (25 jaar) timmermansknecht, geb. 25-05-1836 te Hoogezand, zoon van Willem Willems Sesselaar en Aaltje Kuijpers, overleden op 21-04-1890 te Hoogezand.

Huwelijksakte vermeldt: Leentje Nienhuis. Bij het huwelijk wordt zoon Johannes geëcht.

Kinderen uit het huwelijk:

  • Johannes, * 19-05-1862 te Martenshoek gem. Hoogezand in onecht geboren, aangifte door Willem Sesselaar. Johannes is vermoedelijk genoemd naar de in 1859 gestorven broer van zijn vader. Gehuwd met Frouwke Nieborg; overleden op 31 december 1899 in het Kaiser Wilhelm Hospital in Eving, NRW, Duitsland;

  • Willem, * 22-05-1865 te Martenshoek gem. Hoogezand, overleden op 19-07-1866 te Martenshoek gem. Hoogezand;

  • Willem, * 02-07-1867 te Martenshoek gem. Hoogezand, sjouwerman 1901, (in 1901, 1904, 1909 Norg, Veenhuizen, gevangenis)

  • Aaltje * 23-12-1872 te Hoogezand, overleden op 18-07-1959 te Groningen, gehuwd met Jan Lentz.

  • Bareld, * 10-03-1870 te Martenshoek gem. Hoogezand, overleden op 20-06-1872 te Martenshoek gem. Hoogezand.

Weduwnaar Willem Sesselaar, timmermansknecht, zoon van WIllem Willems Sesselaar en Aaltje Kuijpers, hertrouwt op 21 juli 1888 met Jitske Smittenberg, 49, wv Pieter Venema (overleden op 23-02-1880), overleden op 16-04-1907 te Kolham gem. Slochteren dv Willem Smittenberg en Lammechien Venema.

Bronnen:
www.allegroningers.nl
historischarchief.midden-groningen.nl
www.delpher.nl
www.familysearch.com



Da’s een das!

Gieten, 1836

Nu de Friezen een hek om hun provincie willen om wolven te weren, maakt een terugblik duidelijk dat de Drenten vroeger ook niet blij waren met wolven. Maar ook niet met dassen, naar blijkt. Of de das zich werkelijk met schapenbloed voerde?

Hier een citaat van das en boom

Dassen zijn alleseters, anders dan zijn zeer krachtige kaken zouden doen vermoeden. Want daarin lijkt hij op wolven of beren, die hun prooi met grote kracht en vasthoudendheid moeten overmeesteren. Voor zijn hoofdvoedsel, regenwormen, insecten, slakken, bessen en graan, lijkt die geweldige bijtkracht tamelijk overdreven.
Het vermoeden bestaat dan ook, dat dassen zich ooit, net als zijn Noord Amerikaanse broer en net als de veelvraat, toelegde op het volgen van grote roofdieren. Dassen wachtten toen rustig af, totdat deze een prooi van formaat gedood hadden, om vervolgens in actie te komen.

De das is een opportunist en past zich aan aan het aanbod, dat per seizoen en streek varieert. Zo bestaat in september en oktober een groot deel van het dagelijks menu uit mais en valfruit. Ook in die periode eten ze veel insectenlarven, die dan vlak onder het mailveld leven. Vooral in de wintermaanden, wanneer het niet vriest, bestaat het grootste deel van zijn voedsel uit regenwormen.

Mogelijk hebben de Gietenaren destijds toch een tikkeltje overtrokken gereageerd, net als nu de Friezen…

Bronnen:

www.delpher.nl

https://www.dasenboom.nl/index.asp?pa_id=35




Sto(c)koud in Oude Pekela

Verstockt

Het krantenbericht hierboven verhaalt over een een familie Verstock waarvan de leden nogal oud worden. Een viertal broers en zusters is samen 331 jaar oud, gemiddeld ruim boven de tachtig, dus. Blijkbaar was dat best bijzonder, een eeuw geleden. Toch was dat niet de reden dat het bericht me interesseerde. Ik werd getriggerd door de naam Verstock. Opgegroeid met het lawaai van geklink en gehamer van de scheepswerven in Martenshoek, zei dat me wel iets. De genoemde familie Verstock heet eigenlijk Verstockt, en is als scheepsbouwer onderdeel van de maritieme historie van Hoogezand.
Jacobus, de 76-jarige uit het krantenbericht, was smid en de oprichter van de scheepswerf Verstockt. Zijn beide zoons, Gerardus Josephus (Geert) en Johannes Baptist Gerardus (Johannes) namen het stokje over en hebben heel wat schepen afgeleverd.
De eerste Verstockt (Joannes Baptista Verstoght) bewoog zich in een heel andere arbeidssfeer. Bij de geboorteaangiften van zijn kinderen tussen 1812 en 1819 in Oude Pekela was zijn beroep haarsnijder. Toen hij in 1835 stierf, werd als beroep inlands kramer ingevuld; bij het overlijden van zijn weduwe in 1859 werd hij als hoedenmaker opgevoerd. Zijn drie zonen belandden allemaal in de scheepssector: Josephus werd smid, Andreas werd zeeman en Jacobus werd smid èn scheepsbouwer.

Hieronder een kleine genealogie.

Meer info over de scheepswerven en met name Verstockt vindt u in het filmpje van Beno Hofman: https://www.youtube.com/watch?v=0CjPMaFIyDY

Genealogie van Joannes Baptista Verstockt

Generatie I

I. Joannes Baptista Verstockt (Jan Baptiste, Jan B. Verstokt (1815), Jan Verstok (1837) Verstocht, Verstok Verstoght), geb. 3-7-1763 (register stemgerechtigden Oude Pekela), haarsnijder tussen 12 januari 1812 en 24 april 1819 te Oude Pekela, ovl. op 5 november 1835 te Oude Pekela, (beroep inlandse kramer), kerk.huw. op 4 mei 1801 met Fransisca Elisabeth Buining (Buinings, Bennings), geb. circa 1780 Bergen op Zoom, winkelierster, ovl. op 21 september 1859 te Martenshoek. (overleden echtgenoot hoedemaker)

  1. Maria Christina Verstocht, geb. in 1802, ovl. op 15 april 1896 Nieuwe Pekela.
  2. Anna Catharina Verstok, geb. in 1804 Oude Pekela, ovl. op 3 oktober 1883
  3. Andreas Bernardus Verstok, ged. op 10 december 1809, getuige Anna Catharina Verstok, Oude Pekela, zeeman, ovl. tussen 31 mei 1857 en 14 maart 1860 ( In de huwelijksacte van Maria Geziena Verstok 7-5-1822, wordt haar vader Andreas als de “afwezige schipper”.. vermeld. Bij het huwelijk van Maria Regiena Christina Verstok staat dat haar vader zeekapitein was en op zee verongelukt is.)
  4. Josephus (Josebus Nicolaas Verstok) Verstockt, geb. op 12 januari 1812, smid. Josef woonde in bij Kasper Cordes, smid te Hoogezand, als smidsknecht 1850-1859. Josephus ovl. op 15 oktober 1895 ongehuwd, letter A, 93 Martenshoek, getuige: Gerardus Josephus Verstockt (III), zijn neef Johannes Wijnandus Boerma, scheepbouwer, 43, nabuur.
  5. Theresia Maria Verstokt, geb. op 5 december 1815 Nieuwe Pekela, ovl. op 31 december 1900 Oude Pekela.
  6. Jacobus Fransiscus Verstockt, geb. op 24 april 1819 Nieuwe Pekela, volgt II.

Generatie II
II. Jacobus Fransiscus Verstockt, (zn. van I), geb. op 24 april 1819 Nieuwe Pekela, smid op 30 april 1846 Hoogezand, ovl. op 17 augustus 1902 Martenshoek, tr. met Hinderika Elisabeth Bodewes, dr. van Geert Joestens Bodewes en Geertruida Wijnkes Bijlholt, geb. op 7 oktober 1822 Martenshoek, ovl. op 28 mei 1858 Martenshoek.
Uit dit huwelijk:

  1. Johannes Baptist Gerardus (Johannes) Verstockt, geb. op 13 maart 1847 Martenshoek, ovl. op 2 april 1920 ongehuwd Martenshoek https://www.marhisdata.nl/werf&id=2362.
    Begin 1900 woont Johannes in het huis letter A, 128. Hij is het hoofd van het gezin, zijn vader woont bij hem in evenals een neef, Johannes Gerhardus Broerken, scheepsbouwersleerling, 3-5-1844; Ook is er een inwonend dienstmeisje, Geertje Huisman, 15-1-1863.
    In de periode 1910 – 1920 is alleen Geertje Huisman nog inwonend, als huishoudster. adres G 145. Zij is later huishoudster bij broer Gerardus (II.6)
    ( Overledene Geertje Huisman leeftijd 94 jaar, geboren te Hoogezand, overleden op 11-10-1957 te Westerbroek gem. Hoogezand-Sappemeer. Vader Klaas Pieters Huisman Moeder Trijntje Oomkes Mulder).
  2. Geertruida Margaretha Elizabeth Verstockt, geb. op 25 oktober 1848 Westerbroek, ovl. op 20 april 1916 Groningen.
  3. Johannes Gerardus Verstockt, geb. op 5 juli 1850 Martenshoek, ovl. op 18 juli 1850 Martenshoek.
  4. Elisabeth Francina Verstokt, geb. op 7 november 1851 Martenshoek, ovl. op 13 mei 1917 Groningen.
  5. Margaretha Johanna Verstockt, geb. op 25 januari 1854 Martenshoek, ovl. op 26 februari 1925 Foxholsterbosch.
  6. Gerardus Josephus Verstockt, geb. op 4 juni 1856 Martenshoek, volgt III.
  7. Hinderika Maria Johanna Verstockt, geb. op 8 mei 1858 Martenshoek, ovl. op 13 augustus 1858 Martenshoek.

Generatie III
III. Gerardus Josephus (Geert) Verstockt, (zn. van II), geb. op 4 juni 1856 Martenshoek, scheepsbouwmeester (bij huwelijk), scheepsbouwer, overlijdensgetuige van Josephus Verstockt (zie I) zijn oom op 15 oktober 1895, ovl. op 16 april 1945 Westerbroek, tr. op 20 november 1884 Hoogezand met Elisabeth Creutsman, dr. van Hinderikus Creutsman en Anna Rammelaar, geb. op 17 april 1854 Kropswolde, ovl. op 9 juni 1941 Martenshoek, begr. RK begraafplaats Foxham Martenshoek.
Uit dit huwelijk:

  1. Anna Henderika Verstockt, geb. op 23 oktober 1886 Martenshoek, ovl. Zij is overleden op 5 maart 1973 in Assen, zij was toen 86 jaar oud. (Bron: Fischer-Sandker Groningen-Drenthe-Emsland » Anna Henderika Verstokt (1886-1973) https://www.genealogieonline.nl/genealogie-fischer-sandker/I61554.php.)
  2. Jacobus Johannes Verstockt, geb. op 7 februari 1888 Martenshoek, ovl. op 1 augustus 1888 Martenshoek.
  3. Henderika Elisabeth Verstokt, geb. op 12 december 1889 Martenshoek, ovl. op 20 januari 1918 Martenshoek.

Bronnen:

  • www.allegroningers.nl Rijksarchief Groningen
  • www.delpher.nl
  • www.familysearch.org
  • www.youtube.com Beno Hofman #BenosStad #OOGGroningen #Groningen Werf Verstockt – Beno’s Stad 193 (11-11-2004)
  • https://historischarchief.midden-groningen.nl/
  • www.marhisdata.nl Stichting Maritiem Historische Data



Drentsch diep – Albert van der Zwier

Het was een zinderende voorjaarsdag. Het water van het Foxholstermeer was kalm en weerspiegelde de zon in de kleine golfjes die door de beweging van de schuit ontstonden. Grote ladingen hooi moest worden vervoerd en eigenlijk was dat niet te doen met deze hitte. Albert was al vanaf het krieken van de dag bezig met laden, vervoeren en lossen van het hooi van de weilanden in de madelanden tussen Kropswolde en Zuidlaren. Albert en zijn vrouw verdienden de kost met hun schip en woonden er ook op. Vandaag was Zwaantje, zijn vrouw, niet mee. Ze had zich voor de dag elders uitbesteed. Dat was maar goed ook, overdacht Albert, want sinds het overlijden van hun jongste kindje Trijntje, afgelopen maart, was ze nog niet weer de oude. Gelukkig had ze wel een beetje afleiding aan hun driejarige handenbindertje Filippus, maar het verlies van een kind was echt wel één van de zwaarste dingen die het leven je te stellen gaf, overdacht Albert.

Hij keek eens om zich heen. Een reiger vloog op om een paar meter verder aan de rand van het Drentsch Diep te landen. Een futenpaar zwom in de richting van het Zuidlaardermeer. Uitgebloeide lisdodden versierden als bossen sigaren tussen het riet de oevers van het diep. Vijf minuten rust, dat moest toch kunnen. Hooi van het land halen en in het schip steken in deze hitte, met al dat droge gras dat aan zijn zweterige huid plakte, dat was flink afzien. Je kon beter aardappels laden, dat was weliswaar zwaar werk, maar de weersomstandigheden waren meestal anders en je had niet dat vreselijke gekriebel van het hooi dat werkelijk in elke plooi van je lichaam terechtkwam en daar ellendig prikte. In de verte zag hij pluimen stoom boven het aardappelstroopfabriekje van Scholtens opstijgen. In de herfst zou hij vast wel weer aardappels voor Scholtens kunnen vervoeren. De komst van fabrikant Scholtens had het dorp Foxhol veranderd. Veel buurtgenoten werkten in plaats van op het land nu in de fabriek. Dát, bedacht Albert, was niets voor hem. Hele dagen of nachten binnen vier muren? Daar moest hij niet aan denken. Hij had het beter getroffen: dankzij de grootvader van zijn vrouw had hij schipper kunnen worden, varend vanuit Foxhol. Daar lag zijn schip in de haven, westelijk van de sluis in Martenshoek, die veel te druk bevaren was. Vanuit Foxhol kon hij zó naar het meer of het Winschoterdiep varen. Een mooie bijkomstigheid was dat onderhoud van zijn schip ook geen probleem was, omdat er bij Foxhol meerdere scheepswerfjes waren.

Terwijl hij, zittend op de walkant een prakje koude aardappels at, keek hij naar het water voor zich. Wat was het mooi helder! Hij gleed er even met zijn hand door. Dat voelde bijzonder fijn, dat water zo over je pols. Het was net of je hele lijf dan iets verkoelde. Hij zag waterplantjes onder water wuiven. Daar zigzagde een paling richting het riet. Wat een mooi gezicht. Hij riep zichzelf tot orde: “Albert, jong, zo komt t wark nooit doan! Vort!”, pakte de hooivork op en stak weer een grote partij hooi in het schip. Na een kwartiertje stevig doorwerken, voelde hij zijn spieren in armen en benen verkrampen, het zweet gustste aan alle kanten van zijn gespierde werkmanslijf. Boven op de hooiberg op het schip strekte hij zijn krampende ledematen. Een mens was niet gemaakt voor dit weer, bedacht hij. En dat water, dat was zo uitnodigend helder en koel. Zou hij het doen, even in het water afkoelen? Hij was een goede zwemmer, hij was jong en de boog kon ook niet altijd gespannen zijn! Hij deed zijn klompen, kiel, broek en sokken uit en liep over de hooiberg naar de achterzijde van het schip. Met een klein aanloopje sprong hij in het water, een flinke plons veroorzakend. Het koele water omsloot hem van top tot teen. Plotsklaps trok er zo’n kramp door zijn lijf, dat hij zich niet meer kon bewegen. Het water omsloot hem. In de verte scheen nog de zon…

stamreeks van Albert van der Zwier, patriarchaal

Generatie VI
Albert van der Zwier, geb. op 27 november 1826, trekschippersknecht op 1 april 1851 , arbeider op 13 mei 1853, schipper op 24 juli 1854 , ovl. (27 jaar oud) op 22 juli 1854, erblijf houdende aan boord van zijn vaartuig te Foxhol,(getuigen Mechiel Groenewold, 66, visser, Foxhol, grootvader van de overledene, en Kornelis Woldendorp, 57, winkelier, nabuur van de overledene, akte 25 juli 1854, Hoogezand), tr. (resp. 23 en 22 jaar oud) op 6 juni 1850 te Hoogezand met Zwaantje Groenewold, dr. van Klaas Berends Groenewold en Trijntje Michiels Groenewold, geb. op 17 april 1828 in Hoogezand, schipperse, ovl. (73 jaar oud) op 12 maart 1902 hertrouwd met Geert Pieters Nijman, (1823-1893).

Generatie V
Filippus (Philippus, Filippus Jannes) van der Zwier (Swier), geb. op 3 februari 1803 te Oosternieland gem. Uithuizermeeden, ged. op 20 februari 1803 (Philippus) in Oosternieland, schipper, woont Martenshoek huis A. nr 45,  nationaal militair op 29 augustus 1825, arbeider op 29 augustus 1825 -1837, woont voor 30 november 1826 Slochteren, woont op 30 november 1826 in Kalkwijk,  woont in huis A, 43 in 1828 te Martenshoek, schipper vanaf 1840 Hoogezand, ovl. (56 jaar oud) op 28 oktober 1859 Foxhol, tr. (resp. 26 en 33 jaar oud) op 14 maart 1829 (met wettiging van 3 kinderen) met
Marijke Alberts Buringa, dr. van Albert Pieters Buringa en Martje Reinkes Gnodde, geb. op 13 maart 1796 Hoogezand, schipperse, inlandse kramer op 29 augustus 1825 Hoogezand, schippersche op 24 april 1845 te Martenshoek, ovl. (65 jaar oud) op 16 september 1861 leeftijd 64 jaar, geboren te Hoogezand, overleden op 16-09-1861 te Martenshoek gem. Hoogezand. Ze woonden in 1826 (voor het huwelijk) samen in het huis Letter E, getekend 55 Kalkwijk.

Generatie IV
Jan Melles, afkomstig uit Oosternieland, ged. op 24 oktober 1773 Oosternieland, dagloner (bron ovl. akte dochter Ebeltje), ovl. (ongeveer 36 jaar oud) op 10 april 1810; [Jan Melles, gewoond hebbende op nr. 6, alhier, nalatende een vrouw en drie minderjarige kinderen, waarvan het oudste uit het eerste huwelijk en de jongsten staande de huidige echt verwacht. 36 en een half jaar oud] kerk.huw. (ongeveer 34 jaar oud) (2) op 15 november 1807 Oosternieland met Trijntje Klasens, geb. ‘t Zand, ovl. op 30 november 1845 (Trijntje Melles) Oosternieland, kerk.huw. (resp. ongeveer 27 en ongeveer 22 jaar oud) (1) op 7 december 1800 te Oosternieland met
Trijntje Philippus, dr. van Philippus Harms en Sara Pieters, afkomstig uit Garsthuizen, ged. op 13 september 1778 [een van tweeling] te Garsthuizen, ovl. op 22 februari 1807 [Trijntje Philippus, oud plusminus 26 jaren, gewoond hebbende bij de kerk alhier, no 6, gehuwd geweest aan Jan Melles, Nalatende haar man en 2 minderjarige kinderen, uit één huwelijk] te Oosternieland.

Generatie III
Melle Tjarks, afkomstig uit Warffum, ged. op 21 september 1727, woont in 1755-1772 in Stitswerd, daarna in Oosternieland, ovl. (minstens 46 jaar oud) na 1774, kerk.huw. (ongeveer 26 jaar oud) (1) op 9 juni 1754 Stitswerd met Trijnje Pieters, afkomstig uit Middelstum, ovl. voor 22 maart 1772, otr. (2) op 22 maart 1772 Stitswerd attestatie naar Oosternieland, kerk.huw. (ongeveer 44 jaar oud) op 22 maart 1772 te Oosternieland met
Geeske Jans, afkomstig uit Oosternieland, tr. (1) met Jan Mennes, ovl. voor 22 maart 1772.

Generatie II
Tiark Ebels, geb. Warffum, ged. op 4 april 1690 Warffum, strandvoogd Rottumeroog [gemeld op 13-10-1828 bij overlijden dochter Trijntje], schipper op 21 september 1727 Warffum, kerk.huw. (ongeveer 49 jaar oud) (2) op 5 juli 1739 Warffum met Korneliske Jacobs, afkomstig uit Warffum, kerk.huw. (ongeveer 34 jaar oud) (1) op 21 januari 1725 Warffum met
Jantjen Pieters, dr. van Pieter Nn, afkomstig uit Warffum.

Generatie I
Eebel Ockes, afkomstig uit Uithuizermeeden, woont op Zeewijk op 4 april 1690 in Warffum, ovl. circa 1693, otr. op 23 december 1677 in Uithuizermeeden, kerk.huw. op 13 januari 1678 te Warffum met
Grietien (Greetjen) (Greetjen) Hindriks, afkomstig uit Usquert, kerk.huw. (ongeveer 24 jaar oud) (1) op 30 oktober 1670 met Geert Alberts (Nolleman), schiller [schelpenvisser], ovl. voor 23 december 1677, kerk.huw. (ongeveer 47 jaar oud) (3) op 23 april 1693 Warffum met Jan Lues, afkomstig uit Warffum.

  • Bronnen:

https://nl.wikipedia.org/wiki/Scholten-concern

Foxhol en Foxholsterbosch, Daan Hulsebos, 2019

www. allegroningers.nl




Slagters Eedt

Habitum Indicium Sappemeer Saturni den 30 October 1762

Slagters Eedt gedaan door

  • Warner Lammerts in Sappemeer
  • Bonne Berends in de Cijll
  • Pieter Harms in Sappemeer
  • Lucas Luitjes Westerbroek
  • Jan Popkes in de Cijl.

Habitum Indicium Sappemeer Saturni den 6 November 1762

  • Poppe Jans in de Kijl Compagnie
Sappemeer, Protocol van civiele zaken, volume IV b 28, 1762-1767 Familysearch.org
(Groninger archieven)



Vriescheloo – altied wat te doun

De voetstappen van een aantal van mijn voorouders liggen in Vriescheloo en omstreken. Ik prijs mij gelukkig dat ik de afgelopen jaren een jaarlijkse tour de nostalgie heb kunnen maken met mijn moeder (81) en haar oom (!). Deze keer (2019) bezochten we onder andere de begraafplaatsen in Winschoten, Blijham en uiteraard Vriescheloo (spreek uit als “Vrieskeloo” of in het Gronings “Vraiskeloo”). Oudoom heeft zijn jeugd in Vriescheloo doorgebracht. Zo kon hij vertellen waar zich een knekelput moet bevinden, die ergens in de dertig jaren van de vorige eeuw is gedolven, toen de begraafplaats werd geruimd. De restanten van die voormalige begraafplaats – achter de ‘Witte Schoule” – zullen zich er nog in bevinden. En ja, er werd destijds op het plein gevoetbald met een schedel…

Op de begraafplaats van Vriescheloo stonden we even stil bij het graf van het destijds erg jonge broertje van oudoom. Slechts een jaar jonger dan hijzelf. Het kind is, al verstoppertje spelend, de weg op gerend en aangereden door een motorrijder. Hij was op slag dood. Wat een drama moet dat zijn geweest voor het gezin. Om nog maar te zwijgen van de brute pech, want hoeveel verkeer zal er helemaal zijn geweest, zo voor de oorlog?

Oudoom zit vol verhalen: dat op 10 mei 1940 Duitse soldaten door Vriescheloo marcheerden. Over de bombardementen door geallieerden, die zich jammerlijk vergisten in de Duitse grens en zo per ongeluk Bellingwolde bombardeerden en dat er wonder boven wonder heel weinig slachtoffers vielen. Over een drager die zich na elke begrafenis verkneukelde over de volgende: niet over de te verwachten dode, maar over het zakcentje dat kon worden bijverdiend en de borrel die werd geschonken. Andere tijden!

Het laatste doet me denken aan een krantenartikeltje dat ik onlangs tegenkwam over Vriescheloo. Op 20 januari 1891 zou er een ‘jeugdig’ meisje worden begraven. Toen de dragers met de kist aankwamen op het kerkhof, bleek het gedolven gat te klein te zijn en kon men de kist niet laten zakken. De haken werden aan de kant gelegd, en op dat moment viel eén van de dragers dood neer. De lijkwagen was inmiddels vertrokken maar werd teruggehaald en de onfortuinlijke man werd er mee naar zijn huis gebracht, een tiental meters van de begraafplaats verwijderd. Het krantenartikel besluit met “De toestand zijner vrouw, die aan het sterfhuis de nodige werkzaamheden verrichtte en haar man goed en wel had zien vertrekken, laat zich beter gevoelen dan beschrijven.” En zo is het!

Toelichting

De overleden man moet Jan Engelkens zijn geweest, dagloner, 58 jaar oud, (*19-6-1832 Vriescheloo, + 20-01-1891, Vriescheloo) zoon van Harm Engels Engelkens en Renske Boelems Heijens (landbouwers); echtgenoot van Diewerke Lammerts Kraak (* 17-04-1839 te Noordwolde gem. Bedum, + 01-04-1922 Vriescheloo). Zij hadden zeven kinderen. Diewerke hertrouwde in 1894 met Luitjen Harms Zwaneveld, bakker.

Over het begraven meisje durf ik geen definitieve uitspraak te doen, maar ik vermoed dat het één van deze drie betreft:

⦁ op 19 januari overleed de negenjarige Johanna de Wijk, maar zij zal niet al een dag later begraven zijn. Zij kan wel als een jeugdig meisje worden beschouwd;

⦁ op 17 januari stierf Geertruida Stroobosch, 17 maanden oud, dochter van Jan Strobosch en Jantje Mansens, dagloners te Vriescheloo;

⦁ op 15 januari overleed Haike Dijkhuis, 20 jaar, dienstmeid, dochter van Willem Dijkhuis en Hilke Kwak. Kan zij dan als een jeugdig meisje worden beschouwd?

Bronnen:

Krantenartikel: De Grondwet, 29-1-1891, via Delpher.nl; Personen: groninger archieven, via allegroningers.nl

28 oktober 2019, copyright Yinnar.nl