Drentsch diep – Albert van der Zwier

Het was een zinderende voorjaarsdag. Het water van het Foxholstermeer was kalm en weerspiegelde de zon in de kleine golfjes die door de beweging van de schuit ontstonden. Grote ladingen hooi moest worden vervoerd en eigenlijk was dat niet te doen met deze hitte. Albert was al vanaf het krieken van de dag bezig met laden, vervoeren en lossen van het hooi van de weilanden in de madelanden tussen Kropswolde en Zuidlaren. Albert en zijn vrouw verdienden de kost met hun schip en woonden er ook op. Vandaag was Zwaantje, zijn vrouw, niet mee. Ze had zich voor de dag elders uitbesteed. Dat was maar goed ook, overdacht Albert, want sinds het overlijden van hun jongste kindje Trijntje, afgelopen maart, was ze nog niet weer de oude. Gelukkig had ze wel een beetje afleiding aan hun driejarige handenbindertje Filippus, maar het verlies van een kind was echt wel één van de zwaarste dingen die het leven je te stellen gaf, overdacht Albert.

Hij keek eens om zich heen. Een reiger vloog op om een paar meter verder aan de rand van het Drentsch Diep te landen. Een futenpaar zwom in de richting van het Zuidlaardermeer. Uitgebloeide lisdodden versierden als bossen sigaren tussen het riet de oevers van het diep. Vijf minuten rust, dat moest toch kunnen. Hooi van het land halen en in het schip steken in deze hitte, met al dat droge gras dat aan zijn zweterige huid plakte, dat was flink afzien. Je kon beter aardappels laden, dat was weliswaar zwaar werk, maar de weersomstandigheden waren meestal anders en je had niet dat vreselijke gekriebel van het hooi dat werkelijk in elke plooi van je lichaam terechtkwam en daar ellendig prikte. In de verte zag hij pluimen stoom boven het aardappelstroopfabriekje van Scholtens opstijgen. In de herfst zou hij vast wel weer aardappels voor Scholtens kunnen vervoeren. De komst van fabrikant Scholtens had het dorp Foxhol veranderd. Veel buurtgenoten werkten in plaats van op het land nu in de fabriek. Dát, bedacht Albert, was niets voor hem. Hele dagen of nachten binnen vier muren? Daar moest hij niet aan denken. Hij had het beter getroffen: dankzij de grootvader van zijn vrouw had hij schipper kunnen worden, varend vanuit Foxhol. Daar lag zijn schip in de haven, westelijk van de sluis in Martenshoek, die veel te druk bevaren was. Vanuit Foxhol kon hij zó naar het meer of het Winschoterdiep varen. Een mooie bijkomstigheid was dat onderhoud van zijn schip ook geen probleem was, omdat er bij Foxhol meerdere scheepswerfjes waren.


Terwijl hij, zittend op de walkant een prakje koude aardappels at, keek hij naar het water voor zich. Wat was het mooi helder! Hij gleed er even met zijn hand door. Dat voelde bijzonder fijn, dat water zo over je pols. Het was net of je hele lijf dan iets verkoelde. Hij zag waterplantjes onder water wuiven. Daar zigzagde een paling richting het riet. Wat een mooi gezicht. Hij riep zichzelf tot orde: “Albert, jong, zo komt t wark nooit doan! Vort!”, pakte de hooivork op en stak weer een grote partij hooi in het schip. Na een kwartiertje stevig doorwerken, voelde hij zijn spieren in armen en benen verkrampen, het zweet gustste aan alle kanten van zijn gespierde werkmanslijf. Boven op de hooiberg op het schip strekte hij zijn krampende ledematen. Een mens was niet gemaakt voor dit weer, bedacht hij. En dat water, dat was zo uitnodigend helder en koel. Zou hij het doen, even in het water afkoelen? Hij was een goede zwemmer, hij was jong en de boog kon ook niet altijd gespannen zijn! Hij deed zijn klompen, kiel, broek en sokken uit en liep over de hooiberg naar de achterzijde van het schip. Met een klein aanloopje sprong hij in het water, een flinke plons veroorzakend. Het koele water omsloot hem van top tot teen. Plotsklaps trok er zo’n kramp door zijn lijf, dat hij zich niet meer kon bewegen.

stamreeks van Albert van der Zwier, patriarchaal

Generatie VI
Albert van der Zwier, geb. op 27 november 1826, trekschippersknecht op 1 april 1851 , arbeider op 13 mei 1853, schipper op 24 juli 1854 , ovl. (27 jaar oud) op 22 juli 1854, erblijf houdende aan boord van zijn vaartuig te Foxhol,(getuigen Mechiel Groenewold, 66, visser, Foxhol, grootvader van de overledene, en Kornelis Woldendorp, 57, winkelier, nabuur van de overledene, akte 25 juli 1854, Hoogezand), tr. (resp. 23 en 22 jaar oud) op 6 juni 1850 te Hoogezand met Zwaantje Groenewold, dr. van Klaas Berends Groenewold en Trijntje Michiels Groenewold, geb. op 17 april 1828 in Hoogezand, schipperse, ovl. (73 jaar oud) op 12 maart 1902 hertrouwd met Geert Pieters Nijman, (1823-1893).

Generatie V
Filippus (Philippus, Filippus Jannes) van der Zwier (Swier), geb. op 3 februari 1803 te Oosternieland gem. Uithuizermeeden, ged. op 20 februari 1803 (Philippus) in Oosternieland, schipper, woont Martenshoek huis A. nr 45,  nationaal militair op 29 augustus 1825, arbeider op 29 augustus 1825 -1837, woont voor 30 november 1826 Slochteren, woont op 30 november 1826 in Kalkwijk,  woont in huis A, 43 in 1828 te Martenshoek, schipper vanaf 1840 Hoogezand, ovl. (56 jaar oud) op 28 oktober 1859 Foxhol, tr. (resp. 26 en 33 jaar oud) op 14 maart 1829 (met wettiging van 3 kinderen) met
Marijke Alberts Buringa, dr. van Albert Pieters Buringa en Martje Reinkes Gnodde, geb. op 13 maart 1796 Hoogezand, schipperse, inlandse kramer op 29 augustus 1825 Hoogezand, schippersche op 24 april 1845 te Martenshoek, ovl. (65 jaar oud) op 16 september 1861 leeftijd 64 jaar, geboren te Hoogezand, overleden op 16-09-1861 te Martenshoek gem. Hoogezand. Ze woonden in 1826 (voor het huwelijk) samen in het huis Letter E, getekend 55 Kalkwijk.

Generatie IV
Jan Melles, afkomstig uit Oosternieland, ged. op 24 oktober 1773 Oosternieland, dagloner (bron ovl. akte dochter Ebeltje), ovl. (ongeveer 36 jaar oud) op 10 april 1810; [Jan Melles, gewoond hebbende op nr. 6, alhier, nalatende een vrouw en drie minderjarige kinderen, waarvan het oudste uit het eerste huwelijk en de jongsten staande de huidige echt verwacht. 36 en een half jaar oud] kerk.huw. (ongeveer 34 jaar oud) (2) op 15 november 1807 Oosternieland met Trijntje Klasens, geb. ‘t Zand, ovl. op 30 november 1845 (Trijntje Melles) Oosternieland, kerk.huw. (resp. ongeveer 27 en ongeveer 22 jaar oud) (1) op 7 december 1800 te Oosternieland met
Trijntje Philippus, dr. van Philippus Harms en Sara Pieters, afkomstig uit Garsthuizen, ged. op 13 september 1778 [een van tweeling] te Garsthuizen, ovl. op 22 februari 1807 [Trijntje Philippus, oud plusminus 26 jaren, gewoond hebbende bij de kerk alhier, no 6, gehuwd geweest aan Jan Melles, Nalatende haar man en 2 minderjarige kinderen, uit één huwelijk] te Oosternieland.

Generatie III
Melle Tjarks, afkomstig uit Warffum, ged. op 21 september 1727, woont in 1755-1772 in Stitswerd, daarna in Oosternieland, ovl. (minstens 46 jaar oud) na 1774, kerk.huw. (ongeveer 26 jaar oud) (1) op 9 juni 1754 Stitswerd met Trijnje Pieters, afkomstig uit Middelstum, ovl. voor 22 maart 1772, otr. (2) op 22 maart 1772 Stitswerd attestatie naar Oosternieland, kerk.huw. (ongeveer 44 jaar oud) op 22 maart 1772 te Oosternieland met
Geeske Jans, afkomstig uit Oosternieland, tr. (1) met Jan Mennes, ovl. voor 22 maart 1772.

Generatie II
Tiark Ebels, geb. Warffum, ged. op 4 april 1690 Warffum, strandvoogd Rottumeroog [gemeld op 13-10-1828 bij overlijden dochter Trijntje], schipper op 21 september 1727 Warffum, kerk.huw. (ongeveer 49 jaar oud) (2) op 5 juli 1739 Warffum met Korneliske Jacobs, afkomstig uit Warffum, kerk.huw. (ongeveer 34 jaar oud) (1) op 21 januari 1725 Warffum met
Jantjen Pieters, dr. van Pieter Nn, afkomstig uit Warffum.

Generatie I
Eebel Ockes, afkomstig uit Uithuizermeeden, woont op Zeewijk op 4 april 1690 in Warffum, ovl. circa 1693, otr. op 23 december 1677 in Uithuizermeeden, kerk.huw. op 13 januari 1678 te Warffum met
Grietien (Greetjen) (Greetjen) Hindriks, afkomstig uit Usquert, kerk.huw. (ongeveer 24 jaar oud) (1) op 30 oktober 1670 met Geert Alberts (Nolleman), schiller [schelpenvisser], ovl. voor 23 december 1677, kerk.huw. (ongeveer 47 jaar oud) (3) op 23 april 1693 Warffum met Jan Lues, afkomstig uit Warffum.

  • Bronnen:

https://nl.wikipedia.org/wiki/Scholten-concern

Foxhol en Foxholsterbosch, Daan Hulsebos, 2019

www. allegroningers.nl

Geef een antwoord